MyWorld.nl is officieel gelanceerd. De twaalf partners van het platform gaven vanochtend het startschot in Pakhuis de Zwijger in Amsterdam. Met een klik op een levensgrote muis openden zij officieel deze website. Daarmee is de eerste online community voor actieve wereldburgers een feit.
Het nieuws was de lancering al vooruit gesneld. Dinsdagochtend berichtten De Volkskrant en het Nederlands Dagblad al uitgebreid over het initiatief. De Volkskrant doopte MyWorld ’het nieuwe Facebook voor particuliere hulp’.
Voor een verzamelde menigte van journalisten en betrokkenen blikten initiatiefnemers NCDO en Partos terug op het ontstaan van MyWorld. Een jaar geleden sloten zij de handen ineen om een platform op te richten voor mensen die zich inzetten voor projecten in ontwikkelingslanden. Het idee voor MyWorld werd deels uit nood geboren, zegt Partos-directeur Alexander Kohnstamm. ”Er is een heleboel minder geld om deze initiatieven te ondersteunen. Tegelijkertijd is er een grote behoefte om kennis te delen, en om de passie die we allemaal voelen om te zetten in een een project dat werkelijk impact heeft.”
MyWorld.nl hoopt die behoefte te vervullen. Op de website kunnen mensen contacten leggen, informatie vinden en van elkaar leren. “Het is een ‘coalition of the willing’”, zei NCDO-directeur Frans van den Boom. “We hebben niet gewacht tot iedereen meedeed, maar we zijn gewoon begonnen. Iedereen die zich bij MyWorld wil aansluiten, is van harte welkom.” De animo lijkt groot: tijdens de testfase van MyWorld.nl sloten zich al ruim 250 deelnemers bij de community aan. Behalve Partos en NCDO wordt het initiatief ondersteund door Wilde Ganzen, Impulsis, Simavi, Aqua4All, PSO, Cordaid, Oxfam Novib en Partin.
De lancering werd opgeluisterd door een podiumdiscussie over ontwikkelingshulp door kleinschalige initiatieven. Noa Lodeizen (Young in Prison), Ton van der Lee (auteur van Kinderen in Afrika), John den Blanken (Gered Gereedschap), Joep van Zijl (Cordaid) en Santo Deng (Diaspora Forum for Development) gingen onder leiding van Ralf Bodelier in gesprek over het vertrouwen in ontwikkelingshulp en de band tussen kleinschalige initiatieven en grote organisaties. “We kunnen niet zonder kleinschalige initiatieven”, zegt Joep van Zijl van Cordaid. “Uiteindelijk heb je al die kleine organisaties nodig. Maar ze moeten wel verbonden zijn met bredere initiatieven. Anders zet het geen zoden aan de dijk.”
Projecteleider ErnstJan Stroes van NCDO eindigde de lancering met een kort college over de werking en de mogelijkheden MyWorld. ‘MyWorld is er voor jullie”, besloot Stroes. “We staan nu aan het begin. Ik hoop dat we over een jaar met zijn allen een succesvolle en levendige community hebben opgebouwd.”
foto’s: Rebke Klokke


3 reacties
Jos Poels says:
Jan 18, 2012
Een eerste korte reactie: de “gevestigde” ontwikkelingssamenwerkingsclubs waren – zeker waar het Cordaid betreft – ooit een initiatief voor kleinschalige projecten.
Daartoe behoort Memisa, waarvoor ik een lange reeks van jaren de publicaties heb verzorgd. Cruciaal was de betrokkenheid van de “gevers” die werden ingelicht over die projecten. Als de tot bedrijven uitgegroeide organisaties eens doken in hun voorgeschiedenis zou de gedrevenheid van toen een kompas kunnen zijn voor de werkwijze van nu. Natuurlijk werden toen ook fouten gemaakt, maar het engagement was toen groter dan nu. En dat willen jullie toch?
Jos Poels
ErnstJan Stroes says:
Jan 19, 2012
Ben het helemaal met je eens we moeten terug naar de tijd dat we nog een ‘Beweging’ waren en geen ‘Sector’, niet gericht op management resultaten maar op het maken van maatschappelijk verschil!
Jan Vervoort says:
Jan 20, 2012
Proficiat My World! Dat ook PARTIN, de organisatie van particulieren die intiatieven nemen, erbij betrokken is, is een goede zaak. Want zoals Jos Poels hierboven al schreef, veel grote organisaties zijn ooit door een particulier initiatief ontstaan. Zo kun je PARTIN zien als kraamkamer voor ideeën en hoe men aan de basis van een samenleving op menselijke schaal efficiënt hulp biedt met weinig middelen.
Persoonlijk heb ik ervaren hoe je, luisterend naar de lokale bevolking en samen met hen aan de slag gaat, tot geweldige resultaten kunt komen. Onze kleine stichting Hakuna Matata heeft in een aantal landen in Afrika zo op die manier gewerkt; een 3 klassige basisschool in Kameroen voor € 7000,-, een school voor straatkinderen in Mali voor € 15.000,-, een technische school in Boulsa, Burkina Faso, gesticht en gebouwd met een startkapitaal van € 40.000. Dat kan allemaal als je dit samen met de lokale bevolking doet. Via dit netwerk willen wij graag onze ervaringen delen met anderen. Ons volgende project is een lagere landbouwschool in Burkina Faso.Hoe denken grotere organisaties daarover? M.i. is op gebied van landbouw nog veel te bereiken in het kader van armoedebestrijding, gezondheidszorg,e.d. Doet u mee?